Ken je hem nog? Die collega die op maandagmorgen zijn eigen koffie meebrengt, een geheimzinnige map onder de arm, en (niemand weet hoe) met een enkele klik het hele bedrijf op gang bracht. Niet omdat hij magie beheerste, maar omdat hij de enige was die dat enorme Excel-bestand, vol met macro’s, nog begreep. Elk bedrijf heeft zo iemand in huis gehad. Als hij een weekje naar de camping in Zuid-Frankrijk ging, liepen planningen vast, rapportages werden ineens ‘under construction’ gezet, en een projectleider durfde pas na zijn terugkeer een update te geven.
Achteraf is het verbazingwekkend dat we ooit zo kwetsbaar durfden te werken.
Die tijd ligt gelukkig achter ons. Of toch niet? De eerlijkheid gebiedt te zeggen: sommige bedrijven hangen nog steeds aan hun vertrouwde Excel-bestand. Echt, als je je hierin herkent: sluit even je laptop en kijk in de spiegel. Niets persoonlijks, maar als Excel nog steeds de ruggengraat is van je operatie, dan wordt het tijd voor een goed gesprek met jezelf, of beter; met je IT-afdeling.
De meeste organisaties zijn inmiddels wel een stap verder. Maatwerksoftware is de norm. IT heeft een serieuze plek aan tafel, budgetten zijn groter dan ooit. Elke nieuwe workflow, elk wenselijk rapport, wordt door een programmeur in elkaar gezet. Op papier klinkt dat logisch: maximale grip, flexibiliteit, alles precies zoals je het wilt. Maar ondertussen weet iedereen in de boardroom wat er echt gebeurt. Elke aanpassing is een project op zich. Developers met kennis van dat éne pakket zijn zeldzamer dan een witte raaf. En de Security-Officer krijgt spontaan rode vlekken bij het zien van de jungle aan custom code.
Toch houden veel bedrijven zichzelf voor dat ze uniek zijn, en dus alleen maatwerk past. De realiteit? Elk modern bedrijf heeft in de basis exact hetzelfde nodig: een stevig datamodel, één centrale database, wat bedrijfslogica, een moderne user interface, apps en flink wat rapportages. Dat klinkt overzichtelijk, maar de praktijk leert: met elke ‘slimme oplossing’ groeit de technische schuld. Probeer na een fusie of overname die jungle van systemen maar eens samen te voegen. Dan verlang je opeens terug naar die ene collega met zijn Excelletje.
Low-code en no-code platforms klonken een tijdje als de digitale verlosser. Iedereen z’n eigen app bouwen, IT democratiseren, lekker wendbaar. Maar vaak bleek het vooral een herhaling van dezelfde valkuilen: het werd niet goedkoper, de technische afhankelijkheid van consultants bleef, en de kennis bleef steken bij een paar interne pioniers.
Gelukkig is er hoop, en het klinkt bijna te simpel: Enterprise Platforms, of zoals ik ze graag noem: de grote drie. Dynamics 365, Salesforce en SAP zijn wereldwijd de enige serieuze fundamenten waar je als professioneel bedrijf je processen op kunt bouwen. Hier is niet één slimme collega, maar een heel leger aan experts dagelijks bezig om het platform te verbeteren.
Het verschil? Configureren is het nieuwe bouwen. Functionaliteit toevoegen, processen wijzigen, apps of rapportages uitrollen: alles gebeurt met een paar klikken, zonder codekunstjes. Security, compliance, updates, integraties; alles is standaard en altijd up-to-date. Je hoeft je geen zorgen meer te maken over achterdeurtjes of verouderde componenten: beveiliging is collectief geregeld op wereldschaal. Wie denkt dat hij het zelf beter kan, overschat zichzelf of onderschat de hackers.
En dan is er nog die andere gamechanger: als je nu op zo’n platform draait, ben je automatisch klaar voor de toekomst. AI, IoT, predictive analytics, compliance met AVG, het zit er gewoon in, als standaardonderdeel. Geen losstaande projecten meer, geen eindeloze integratietrajecten. Wil je morgen een AI-bot die orders voorspelt of klantvragen automatisch afhandelt? Dan is het gewoon aanzetten, niet bouwen. Dat lukt alleen als je datamodel klopt en alles centraal is geregeld.
Wat misschien nog wel het mooiste is aan deze platformen: ze dwingen af dat business en IT samen optrekken. Weg is het tijdperk van misverstanden en schaduwdraaien. Door alles te baseren op één platform spreken alle afdelingen dezelfde taal. Dat is niet alleen efficiënter, het maakt organisaties zichtbaar wendbaarder. Bijeenkomst op maandagmorgen? Nieuwe rapportage nodig? Geen probleem, het is geregeld vóór de koffie koud is.
Daarmee is softwareontwikkeling geen exclusieve kunst meer voor eenlingen met geheime formules of programmeurs die je met gouden handboeien moet vasthouden. Architectuur wordt het strategisch kompas, business bepaalt de koers, en de organisatie schakelt sneller dan ooit.
Dus, wie verantwoordelijk is voor bedrijfsprocessen en digitalisering, het is tijd voor een reality check. Blijf je nog hangen in de nostalgie van maatwerk of Excel? Of kies je voor het platform dat klaar is voor elke digitale storm? Eén ding is zeker: je concurrent maakt die keuze vandaag óók. Wie nu niet moderniseert, mist morgen de boot.
Thomas Freriks, Managing Director | Yondl
“Software development redefined”

